Het essay van Maarten van der Kloot Meijburg en Jan Wever (FD 24 december) wordt ontsierd door onevenwichtigheden. Doel van hun essay is te pleiten voor een ‘grondige heroriëntatie, een politieke vernieuwing en voor een andere koers’ om het EU-noodfonds gevuld te krijgen.
Ja, het noodfonds moet gevuld worden, maar de auteurs pleiten voor een Europese politieke unie, een federaal Europa. Tegelijkertijd pleiten ze voor het op gang brengen van een Europees burgerlijk leerproces’, zonder zich bewust te zijn van deze twee onverenigbare grootheden. Europa is namelijk opgebouwd zonder enige vorm van democratie en dat is ‘traditie’ gebleven. En een politieke unie stuit ook op grote bezwaren van de bevolking van iedere EU-lidstaat; met uitzondering van België. Maar belangrijker: iedereen is vergeten dat een klassieke federatie géén soevereine lidstaten kent! Hebben de voorstanders van (con)federalisme dit over het hoofd gezien? Of wordt de EU soms een nieuw soort federatie mét lidstaten?
Waarschuwen tegen ‘een al te grote invloed van bijvoorbeeld Duitsland en Frankrijk’ is eveneens zinloos, want een angstkreet uit het verleden. Het reële gevaar ‘van vandaag’ zijn de kredietbeoordelaars én het vertrouwen van de markt.
Conclusie is dat de noodzakelijke en grondige heroriëntatie van de Europese democratie pas aan de beurt is ná afloop van de huidige crisis. Dit vanwege de haast van de financiële markten die crisis opgelost willen zien. Er bestaat dus géén ruimte voor andere dan de crisismaatregelen van dit moment; zoals altijd zonder democratie dus. Zelfs het Europees Parlement is onbenoemd gebleven door de auteurs!
Jan Willem Jongejans, Zoetermeer
(Geplaatst in het Financieele Dagblad van 31 december 2011)

